Gemeentelijke belastingen zijn heffingen die jouw gemeente oplegt om lokale voorzieningen en taken te financieren. Denk aan het ophalen van afval, het onderhouden van het riool of het beheren van de openbare ruimte. Bijna elke inwoner of eigenaar van een woning betaalt er een of meerdere. Welke belastingen dat precies zijn en hoe ze werken, lees je in dit overzicht.

Gemeenten mogen zelf bepalen hoe hoog hun tarieven zijn, binnen de grenzen die de wet stelt. Dat betekent dat je in de ene gemeente meer betaalt dan in de andere. Het is dus slim om te weten welke heffingen er zijn en waar je op kunt letten.

Welke gemeentelijke belastingen zijn er?

De meeste gemeenten heffen een combinatie van de volgende belastingen en heffingen. Niet elke gemeente heft ze allemaal, maar de lijst hieronder geeft een goed beeld van wat er bestaat.

  • Onroerendezaakbelasting (OZB): de bekendste gemeentelijke belasting. Eigenaren van woningen en bedrijfspanden betalen deze jaarlijkse belasting op basis van de WOZ-waarde van hun pand.
  • Afvalstoffenheffing: betaal je voor het ophalen en verwerken van huishoudelijk afval. Huurders én eigenaren kunnen hiermee te maken krijgen.
  • Rioolheffing: de gemeente heft dit om het rioolstelsel aan te leggen en te onderhouden. Wordt vaak betaald door de eigenaar van een pand, soms ook door de gebruiker.
  • Parkeerbelasting: gemeenten mogen parkeren op openbare plaatsen belasten. Dit kan gaan om parkeergeld op straat of in een parkeergarage van de gemeente.
  • Precariobelasting: een heffing voor het gebruik van gemeentegrond voor voorwerpen zoals terrassen, reclameborden of leidingen. Vooral bedrijven betalen dit.
  • Logiesbelasting: betalen aanbieders van overnachtingen, zoals hotels en bed-and-breakfasts. Vergelijkbaar met toeristenbelasting, maar de naam verschilt per gemeente.
  • Roerendezaakbelasting: minder bekend dan de OZB, maar sommige gemeenten heffen dit op roerende zaken (zaken die je kunt verplaatsen) die een functie hebben buiten de sfeer van een onroerend goed.

Hoe werkt de onroerendezaakbelasting precies?

De OZB is voor de meeste huiseigenaren de grootste gemeentelijke belasting. De hoogte hangt af van twee dingen: de WOZ-waarde van je woning en het tarief dat jouw gemeente hanteert. De gemeente stelt de WOZ-waarde elk jaar opnieuw vast op basis van verkoopprijzen van vergelijkbare woningen in de buurt.

Het tarief is een percentage van die WOZ-waarde. Als jouw woning een WOZ-waarde heeft van 300.000 euro en het tarief is 0,1%, betaal je 300 euro per jaar. Gemeenten mogen hun tarief jaarlijks aanpassen. Ben je huurder? Dan betaal je de OZB niet zelf; die is voor de eigenaar van het pand.

Je kunt bezwaar maken tegen de WOZ-waarde als je denkt dat die te hoog is vastgesteld. Dat doe je binnen zes weken na ontvangst van de aanslag. Een lagere WOZ-waarde betekent een lagere OZB-aanslag.

Afvalstoffenheffing en rioolheffing: wat zijn de verschillen?

Afvalstoffenheffing en rioolheffing worden vaak op dezelfde aanslag vermeld, maar het zijn twee aparte heffingen met een ander doel. De afvalstoffenheffing betaal je voor de inzameling en verwerking van je huisvuil. De rioolheffing dekt de kosten van het rioolstelsel: aanleg, onderhoud en vervanging.

Gemeenten mogen deze heffingen alleen gebruiken voor het doel waarvoor ze worden gevraagd. Ze mogen er dus geen winst op maken. In de praktijk zijn de tarieven per gemeente flink verschillend. De ene gemeente rekent voor beide heffingen samen naar schatting rond 400 tot 600 euro per jaar in 2026, de andere aanzienlijk minder of meer. Kijk op de aanslag van jouw gemeente voor de exacte bedragen.

Parkeerbelasting en precariobelasting

Parkeerbelasting betaal je als je een voertuig parkeert op een locatie waar de gemeente dat aanwijst als betaald parkeren. Dit geldt ook voor parkeervergunningen voor bewoners in een drukke wijk. De hoogte varieert sterk per gemeente en per locatie binnen een gemeente. In grote steden is parkeerbelasting een van de grotere inkomstenbronnen voor de gemeente.

Precariobelasting is minder bekend, maar raakt wel degelijk veel ondernemers. Heb je een terras op gemeentegrond, een uitstalrekje op de stoep of leidingen onder een gemeentelijke weg? Dan kan de gemeente precariobelasting heffen. Sommige gemeenten schaffen deze belasting af voor bepaalde groepen, zoals netwerkbeheerders. Informeer bij jouw gemeente of dit voor jou geldt.

Logiesbelasting en roerendezaakbelasting

Bied je overnachtingen aan via een platform zoals Airbnb, of heb je een hotel? Dan krijg je in veel gemeenten te maken met logiesbelasting. De gemeente heft deze belasting bij de aanbieder, maar in de praktijk wordt die doorberekend aan de gast. Het tarief is vaak een vast bedrag per persoon per nacht, of een percentage van de overnachtingsprijs.

De roerendezaakbelasting is de minst bekende heffing op deze lijst. Gemeenten heffen hem op roerende zaken die niet duurzaam met de grond zijn verbonden, maar wel commercieel worden gebruikt, zoals bepaalde drijvende constructies. In de meeste gevallen zul je hier als gewone inwoner niets mee te maken hebben.

Veelgestelde vragen over gemeentelijke belastingen

Moet ik als huurder ook gemeentelijke belastingen betalen?
Ja, maar niet allemaal. Als huurder betaal je vaak afvalstoffenheffing en soms rioolheffing. De OZB betaalt de eigenaar van de woning, niet de huurder. Kijk goed op de aanslag die je ontvangt om te zien welke heffingen voor jou gelden.

Kan ik kwijtschelding aanvragen?
Ja, als je een laag inkomen hebt, kun je bij de gemeente of het belastingkantoor kwijtschelding aanvragen voor bepaalde heffingen, zoals de afvalstoffenheffing en rioolheffing. Dit geldt niet voor de OZB. Gemeenten of samenwerkende belastingkantoren, zoals het Noordelijk Belastingkantoor in de regio Groningen, regelen dit voor de aangesloten gemeenten.

Hoe weet ik hoeveel ik moet betalen?
Je ontvangt jaarlijks een gecombineerde aanslag van jouw gemeente of een regionaal belastingkantoor. Daarop staan alle heffingen uitgesplitst, met het tarief en de grondslag vermeld.

Kan ik bezwaar maken?
Ja. Je kunt bezwaar aantekenen als je het niet eens bent met de aanslag of de WOZ-waarde. Doe dit binnen zes weken na de dagtekening van de aanslag. Na afwijzing kun je in beroep bij de belastingrechter.

Gemeentelijke belastingen zijn niet te vermijden, maar je kunt er wel grip op krijgen. Controleer elk jaar je aanslag, vergelijk de WOZ-waarde met de marktwaarde van je woning en vraag kwijtschelding aan als je daar recht op hebt. Zo betaal je niet meer dan je hoeft.